Voedselallergie

Bron: dierennieuws.nl

Inleiding

Een voedingsallergie is, net als andere allergieën, een overgevoeligheidsreactie. Bij deze allergie zijn het bepaalde onderdelen van het voer, bijvoorbeeld bepaalde eiwitten, die de overgevoeligheidsreactie veroorzaken. Vanuit de darmen worden deze onderdelen, allergenen genoemd, opgenomen in het bloed. Hier worden ze echter niet als voedsel herkend, maar als bedreigend ervaren, terwijl bij de meeste andere dieren niets fout gaat. Dit zorgt voor een afweerreactie, vaak in de darm of in de huid. Het gevolg hiervan is braken, diarree en/of jeuk. Als er een combinatie van diarree of braken met jeuk optreedt, wordt een dier verdacht van voedingsallergie.

Wanneer zijn er klachten?
Het kan een paar uur of zelfs een paar dagen duren voor een dier last krijgt van het eten van voedsel dat die bepaalde allergenen bevat. Maar het dier kan ook al na een paar minuten last krijgen. Een hond of kat kan een voedselallergie krijgen gedurende zijn leven; het is dus niet per definitie aangeboren. Het kan zelfs zo zijn dat het dier ineens allergisch is voor voer dat hij z'n hele leven al gegeten heeft. Als een dier eenmaal allergisch is voor een bepaald bestanddeel uit het voer, blijft hij dat ook de rest van z'n leven. Op deze bestanddelen, de allergenen, zal hij ook reageren met jeuk, diarree of braken, als ze in andere voeders voorkomen.

Melk? Nee, bedankt!
Een andere overgevoeligheid is die voor melksuiker. Dieren die een tijdje niet met melk gevoerd zijn, of gewoon volwassen dieren, hebben moeite om de suiker die (van nature) in melk zit, te verteren. In de dikke darm wordt dit suiker door bacteriën afgebroken, en dit geeft diarree. Hier komt dus geen afweer aan te pas, en de diarree stopt als er geen melk meer gegeven wordt. Geef honden en katten, maar ook egeltjes, dus geen melk!

Andere oorzaken
Van alle aandoeningen die jeuk of diarree/braken veroorzaken, is voedselallergie een zeer weinig voorkomende (ongeveer 1 op de 100). Het is daarom belangrijk uit te sluiten dat de jeuk door iets anders wordt veroorzaakt, bijvoorbeeld door vlooien of een vlooienallergie. Voor diarree zijn natuurlijk ook vele andere oorzaken op te noemen, bijvoorbeeld bedorven voedsel. Mocht de dierenarts de hond of kat toch verdenken van voedselallergie, dan zal hij het dier een eliminatiedieet voorschrijven, gevolgd door een provocatiedieet (zie hieronder). Ook kan iets tegen de jeuk gegeven worden, om het ongemak voor het dier te verminderen.

Het eliminatiedieet
Aan de hand van het normale dieet van de hond, inclusief koekjes, snoepjes en tafelresten, zal de dierenarts een dieet voorschrijven voor de hond of kat. Hierin zit één soort vlees die het dier nog niet eerder gegeten heeft; voorbeelden zijn kalkoen of geit. Verder zit er rijst of macaroni in. Dit wordt het eliminatiedieet genoemd. Zo'n dieet kunt U zelf maken, maar er zijn ook diëten op de markt die aan de bovenstaande eisen voldoen. Het voordeel van deze voeders is dat ze, net als andere commerciële voeders, alles bevatten wat een hond of kat nodig heeft.

Het dieet moet 6 weken volgehouden worden. Het is een streng dieet: er mag zelfs geen klein snoepje of koekje gegeven worden gedurende die 6 weken. Dit betekent dat katten binnengehouden moeten worden, en dat honden aangelijnd moeten zijn bij het uitlaten. Als er meerdere huisdieren zijn, moeten ze apart gevoerd worden. De diarree en het braken zullen al snel verminderen, maar de jeuk kan wel een aantal weken blijven en verdwijnt in het algemeen na maximaal 9 weken.

Het eliminatiedieet werkt
Als blijkt dat de klachten verdwijnen door het dieet, mag gezegd worden dat ze door een voedselallergie veroorzaakt werden. Er kunnen dan twee dingen gedaan worden:

Het dier krijgt de rest van zijn of haar leven het eliminatiedieet; dan moet U wel het commerciële voer geven, om te zorgen dat de hond of kat alle voedingsstoffen binnen krijgt.
Er wordt een allergische reactie uitgelokt met het normale voer (de zogenaamde provocatie). Elke week wordt één van de voedselbestanddelen die het dier normaal altijd kreeg, in kleine hoeveelheid bij het dieet gegeven. Als het dier in een bepaalde week last krijgt, is het dus allergisch voor dat specifieke voedsel. Dit moet dan dus niet meer gegeven worden. Als het dier na een week geen klachten heeft, dan kunt U dit voedsel gewoon weer geven.

Het is beter om niet te fokken met dieren met een voedselallergie.